Renovatie woning Marcel Wittman

De woning Marcel Wittmann en tuin is beschermd als monument omwille van het algemeen belang gevormd door de artistieke en historische waarde. Deze woning is één van de hoogtepunten uit het architecturale oeuvre van Jacques Dupuis en wordt beschouwd als een belangrijk voorbeeld van jonge bouwkunst, met name residentiële architectuur uit de periode 1945-1970 in Vlaanderen.

De woning werd gebouwd in 1961 voor Marcel Wittmann, mede-zaakvoerder van de bekende Brusselse juwelierszaak De Greef. Onmiddellijk daarna ontwierp Dupuis op hetzelfde perceel een kleinere woning voor de zoon Paul Wittmann, die in 1997 echter grondig werd verbouwd. Alhoewel beide woningen geen enkel architecturaal element gemeen hadden, onderhielden ze een interessante visuele relatie, gebaseerd op het intuïtieve gevoel van continuïteit van de architectuur.

Opdrachtgever

Privé

Locatie

Meise

Fase

Voorontwerp

Team

Dorine van der Bank
Philippe Depotter

Dupuis negeert de rooilijn van de straat en daarmee de stedenbouwkundige verplichtingen en de traditionele woningbouwconventies. Hij concentreert zich op de compositie van het ensemble ten overstaan van het landschap en richt de twee binnentuinen of patio’s naar elkaar, zodat het lijkt alsof de twee ruimtes met elkaar dialogeren. Deze relatie werd door een verbouwing van de woning Paul Wittmann te niet gedaan, zodat nog enkel de woning Marcel Wittmann voor bescherming in aanmerking kwam.

De nieuwe gezinswoning van Marcel Wittmann werd gebouwd in het aangename, zacht glooiende landschap van Meise, op het platteland ten noorden van Brussel, op een onlangs verkaveld terrein te midden van akkers en weiden. De woning is ingeplant op het hoogste punt van het terrein, en maakt dankbaar gebruik van het topografisch profiel. De brede, drieledige straatgevel is nagenoeg volledig blind en via een lange inkomtrap en een ingebedde garageoprit verbonden met de straat. De meerderheid van de ruimtes is naar het zuiden en zuidoosten georiënteerd.

De gevels zijn opgetrokken uit witgeschilderd metselwerk, met uitzondering van de geaccentueerde schoorsteen, onder leien zadeldaken met flauwe helling, die luifels vormen op metalen posten. De L-vormige plattegrond wordt bepaald door de kracht van de schuine lijn en een opeenvolging van volumes verbonden door de dakhellingen.

De raamindeling karakteriseert op autonome wijze de achterliggende ruimtes. De slaapkamervleugel, ingeleid door een trapezoïdale hal met hemelsblauwe en oranje glasramen in een geometrisch abstract motief, is eerder conventioneel van opzet. De salon daarentegen is een veelvormige ondefinieerbare ruimte, bepaald door schuine en zwevende plafonds. De haardhoek, die later enigszins werd aangepast, vormt hierin een intiem element door gereduceerde dimensies en sombere tonen. Opmerkelijk zijn de glazen vitrines, die als een vrijstaand scherm of ingewerkt in de wand, samen met strategisch geplaatste spiegels, het bijzondere ruimtegevoel versterken.

Het TV-toestel wordt aan het oog onttrokken door een door Dupuis zelf met een abstracte compositie beschilderd luik. Een doorgeefluik verbindt de eetplaats met de keuken. In de ouderslaapkamer werd een nis uitgespaard waarin een markante witlederen kaptafel. Inbouwkasten komen zowel hier voor als in de aanpalende nachthal. De zwart betegelde badkamer is tweeledig met een aparte badcel. De woning sluit aan op ommuurde terrassen die  het privé-aspect van de tuin en de slaapkamers accentueren.

De woning behoren tot referentieprojecten uit de vruchtbare derde periode binnen het oeuvre van Jacques Dupuis, waarin ook de woningen van der Vaeren, Robert Mestdagh, Robert Wéry, en De Landsheere tot stand kwamen.

De woning Marcel Wittmann is zo goed als intact bewaard.